Monday, 29 March 2010

The grass is always greener on the other side

Ik ben een buzzer, zo iemand met een buzzy pazz die dagelijks gebruikt maakt van De Lijn. Al ettelijke jaren, ik geloof zo'n kleine tien jaar ondertussen.

Nu is in de loop van die jaren mijn houding ten opzichte van buzzen erg veranderd. In het begin, als prille tiener en puber vond ik buzzen (=de bus nemen) 'de max' (om het in jongerentaal uit te drukken). De bus nemen was dan ook eerder uitzondering dan regel: als schoolganger gebruikte ik dagelijks 'de vlo' (nogmaals: om het in jongerentaal uit te drukken) om op bestemming te geraken. De bestemming, dat was negen keer op de tien school, die ene keer op de tien was het de bushalte. Als eindbestemming had ik dan 't Shopping Center of 't stad, vanaf mijn vijftiende zo ongeveer twee keer per maand. De bus was toen nog tof en leuk: die enkele keren dat ik van De Lijn gebruik maakte, was het om te gaan winkelen. Dat hield voornamelijk in kruidvat-snoep kopen (ik had toen al nooit geld om echte dingen te kopen op shoppingtrips). Zoals ik al zei: toen was het nog plezant om eens op de bus te zitten, zelfs staan was in die tijd een leuke ervaring. Ik vond het toen zo leuk, dat ik zelfs met de bus naar school wilde gaan. 'Jammer genoeg' ging dat niet wegens een slechte busverbinding (een fietstocht was zowiezo nodig om aan de bushalte te geraken). Ik had beter moeten weten, dat met de bus naar school moeten helemaal niet zo leuk is. Tja, the grass is always greener on the other side. Toch?

En zoals men zegt: tijden veranderen. Dezer dagen zit ik dagelijks op de bus; De Lijn verbindt nu letterlijk waar ik woon met waar ik werk & studeer. Waar ik vroeger buzzde om leuke dingen te doen, buzz ik nu om in saaie lessen te geraken. Bijgevolg heeft het buzzen tegenwoordig een minder positieve connotatie dan pakweg zes jaar geleden.

De buzzhaat (om het op zijn zachtst uit te drukken) is eigenlijk begonnen aan het begin van mijn 'verder-studeer-carrière'. De weg om van huis naar school te gaan en omgekeerd duurde tien keer zo lang. Van de ene op de andere dag (met drie maanden zomervakantie ertussen eigenlijk) kon ik niet meer zelf kiezen wanneer ik vertrok en hoe snel ik moest zijn. De Lijn nam die beslissing voor mij: als ik niet op tijd aan de bushalte stond (en sta), ben ik te laat. En dat vind ik niet eerlijk want als de bus te laat komt hangen er voor haar geen gevolgen aan vast. (Buiten slecht gezinde buzzers natuurlijk.)
Maar tijdschema's zijn niet de enige reden om niet van buzzen te houden. Plaatsgebrek is een ander probleem. Tijdens de spits verandert mijn tas in een wapen om me een weg door de menigte te banen: zij die mijn (bus)pad dan kruisen, zullen het geweten hebben. Mijn ogen worden kanonkogels om mensen die net voor mijn neus een zitplaatsje bezetten, mee dood te bliksemen. Van mijn lieve, vriendelijke persoonlijkheid, schiet dan niet meer veel over.
En er zijn nog dingen die mijn bushaat alleen maar kunnen bevorderen: stank, een ongelooflijke stank, van de bussen en van sommige medepassagiers. Als ik op bestemming (meestal school of werk) aankom, heb ik praktisch altijd het gevoel dat ik me in jaren niet meer heb gewassen. Liters parfum spuit ik er bijgevolg door op school en zo wordt het buzzen ook een kostelijke grap.

En nu zou ik maar al te graag ook een lijstje positieve buzz-aspecten geven, maar die bestaan jammer genoeg niet. Het ideale vervoersmiddel momenteel, lijkt mij de trein, maar die hebben ze jammer genoeg nog niet uitgevonden in het dorp waar ik woon. Och, binnen een paar jaar ben ik waarschijnlijk een carrière makende treiner en droom ik van een wagen met privé-chauffeur. Tja, the grass is always greener on the other side. Toch?

1 comment:

  1. Just came across your blog! It is lovely!

    colormenana.blogspot.com

    ReplyDelete